
Scheepswerf in Aalsmeer, actief sinds 1906, Feadship-partner
Industrie & productie
Wie denkt dat scheepsbouw alleen over staal, hout en composiet gaat, onderschat het administratieve traject eromheen. Elk pleziervaartuig tussen de 2,5 en 24 meter dat in de EU op de markt komt, moet wettelijk voldoen aan de Europese richtlijn pleziervaartuigen (2013/53/EU) — en die verantwoordelijkheid ligt bij de bouwer, niet bij de eigenaar.
Alleen aangewezen keuringsinstanties (Notified Bodies) mogen pleziervaartuigen CE-certificeren, met één uitzondering: bij Module A-certificering kan de bouwer dit onder voorwaarden zelf regelen, zonder tussenkomst van een Notified Body. In Nederland zijn er drie aangewezen keuringsinstanties. Een serieuze werf legt een technisch dossier aan waarin wordt beschreven hoe het schip aan de CE-eisen voldoet, levert een eigenaarshandleiding, en brengt een CE-bouwersplaatje met WIN-code aan. Bij oplevering hoort een Verklaring van Overeenstemming (VVO).
| Aspect | Nieuwbouw | Verbouw / refit |
|---|---|---|
| Doorlooptijd | Vaak maanden tot jaren, afhankelijk van formaat | Weken tot maanden, afhankelijk van omvang werk |
| Certificering | Volledig CE-traject vanaf de basis | Alleen relevant bij ingrijpende wijzigingen aan constructie of voortstuwing |
| Kostenopbouw | Materiaal, arbeid en certificering vanaf nul | Vaak lagere totale kosten, afhankelijk van staat van het bestaande schip |
Voor kleinere pleziervaartuigen is zelfbouw in Nederland toegestaan, maar ook dan blijft de CE-verplichting van kracht zodra het vaartuig binnen vijf jaar wordt verkocht. Voor bedrijfsmatige toepassingen — een werkschip, een schip boven 20 meter met een Certificaat van Onderzoek (CvO), of een representatief bedrijfsvaartuig — is een gespecialiseerde werf vrijwel altijd de veiligere en efficiëntere keuze, gezien de complexiteit van de regelgeving.
De kosten van scheepsbouw lopen enorm uiteen met materiaal (staal, aluminium, composiet, hout), formaat en afwerkingsniveau. Vraag een werf altijd om een gespecificeerde begroting waarin materiaal, arbeidsuren, certificeringskosten en eventuele meerwerkposten apart zijn benoemd — bij scheepsbouw is meerwerk door ontwerpwijzigingen tijdens de bouw eerder regel dan uitzondering.
Sterk en relatief betaalbaar, maar gevoelig voor corrosie en daardoor onderhoudsintensiever op de lange termijn.
Lichter dan staal en corrosiebestendiger, maar duurder in aanschaf en lastiger te repareren zonder gespecialiseerd lasequipment.
Veelgebruikt bij pleziervaartuigen vanwege het gewicht en de vormvrijheid, maar reparatie na schade vraagt specifieke kennis van harsen en laminaten.
De keuze hangt sterk af van het gebruik: een bedrijfsvaartuig dat dagelijks vaart, stelt andere eisen dan een representatief jacht dat vooral wordt gebruikt voor klantontvangst.
Als het vaartuig binnen vijf jaar na bouw wordt verkocht, geldt alsnog de CE-verplichting; puur voor eigen, blijvend gebruik gelden minder strikte eisen.
Dit is een verplicht certificaat voor schepen boven 20 meter lengte, aanvullend op de CE-markering, dat de technische staat en veiligheid van het schip toetst.

Scheepswerf in Aalsmeer, actief sinds 1906, Feadship-partner
Familiewerf voor stalen motorjachten, actief sinds 1949
Ook internationaal partners zoeken? Kijk op onze zustersite: Import, export & logistiek op greatpartners.net.